- win·naar
- Naamwoord van handeling van winnen met het achtervoegsel -aar.
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | winnaar | winnaars |
| verkleinwoord | winnaartje | winnaartjes |
dewinnaarm
- degene die een strijd of wedstrijd in zijn voordeel beslist
|
|
- De gedoodverfde winnaar
- Het woord winnaar staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "winnaar" herkend door:
| 99% | van de Nederlanders; |
| 100% | van de Vlamingen.[1] |
- ↑ 👁 Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
Overgenomen van "https://nl.wiktionary.org/w/index.php?title=winnaar&oldid=5353752"
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 7
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 2 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Achtervoegsel -aar in het Nederlands
- Zelfstandig naamwoord in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 99 %
- Prevalentie Vlaanderen 100 %
Verborgen categorieën:
